Erfgrens en erfscheiding

1 reactie

Ons huis is belast met een erfdienstbaarheid. De tekst uit de akte van levering luidt letterlijk dat er een erfdienstbaarheid is gevestigd van voet- en kruipad om te komen van- en te gaan naar de openbare weg. Deze omschrijving is zeer ruim te interpreteren en het is volledig onduidelijk wat nu wel en niet mag. Het huis is ons verkocht onder voor behoud van gunning, wij moesten op een soort van audiëntie bij de bewoners van het heersende erf. Uiterst vriendelijke mensen destijds. Echter bleek hun huis al snel een zoete inval voor allerlei kinderen met aanhang, kleinkinderen en kennissen. Die, ondanks dat er een voordeur is die direct grenst aan de openbare weg, toch gebruik maken van het overpad dat wij hebben ingericht. Toen ik vroeg of dat niet anders kon om diverse redenen is de relatie verzuurd.

Deze combinatie pensionado's op leeftijd en jonge ouders blijkt geen gelukkige. Dit weekend hebben de buren besloten hun stuk grond af te sluiten met een schutting. Daar heb ik geen bezwaar tegen omdat het ons beiden privacy geeft. Weliswaar zonder overleg maar op hun eigen grond dus niks tegen in te brengen. Echter is de doorgang in deze schutting zo gemaakt dat de buren twee meter verder moeten lopen door onze tuin om in hun tuin te komen. Ze maken dus geen gebruik van de eerste mogelijkheid. Dit is gedaan omdat dit voor hen makkelijker zou zijn. Maar heeft tegelijkertijd tot gevolg dat wij twee meter extra vrij moeten houden voor het recht van overpad. Onze tuin is al niet zo groot en met een tweeling onderweg is alle ruimte welkom.

Nu lees ik in artikel 74 van burgerlijk wetboek 5 dat de uitoefening der erfdienstbaarheid moet op de voor het dienende erf minst bezwarende wijze geschieden. Ik kan binnen alle redelijkheid wel zaken bedenken die op mijn erf (het dienende erf) voor mij bezwaarlijk zijn. Weegt dit wetsartikel zwaarder dan de formulering inzake de erfdienstbaarheid? En zo ja wat is dan bezwaarlijk?

zondag 6 november 2016