Gebruiksrechten

2 reacties

Vrienden van ons hebben een reparatieboot met ligplaats in de waal (A). B heeft ook een bedrijfsboot met ligplaats in dezelfde strang van de rivier. C is eigenaar van de dijk en de kade waaraan de boten liggen. C verleend gebruiksrechten aan A, zij mogen hun auto op de dijk parkeren en een trap maken in de dijk om zo toegang te krijgen tot de kade waaraan de boot ligt. C verkoopt de dijk aan D (met de mondelinge afspraak dat de gebruiksrechten in stand blijven). D verkoopt de dijk vervolgens aan E. E weigert nu deze gebruiksrechten te verlenen en beroept zich op zijn eigendomsrecht. Mijn vraag is of er sprake is van erfdienstbaarheid? Waarschijnlijk niet omdat het niet gaat om twee ontroerende zaken. Waarvan is dan wel sprake? Een kwalitatieve verplichting? (6:252 BW) Hebben deze mensen een poot om op te staan tegenover E? Als er sprake was van erfdienstbaarheid namelijk wel door het zaaksgevolg.
Ik vind dit een zeer lastige casus en hoop dat iemand hier meer over weet.

maandag 14 september 2015