Blog

Minder pensioen, moeten we dat zomaar slikken?

Pensioenfondsen versturen ze bij bosjes: brieven waarin ze deelnemers naderende pensioenkortingen mededelen. Zo’n korting betekent kort gezegd dat zowel gepensioneerden als mensen die nog pensioen opbouwen minder geld zullen krijgen. Maar mag dat zomaar? En belangrijker: kun je er iets tegen doen? Twee specialisten leggen uit hoe de vork in de steel zit. 

Over ons pensioen denken we vaak pas echt goed na als de pensioengerechtigde leeftijd in zicht komt. Deskundige Martin Pikaart vindt dat een kwalijke zaak. Hij is werkzaam als zelfstandig pensioenadviseur en neemt met zijn eigen Alternatief voor vakbond (AVV) graag plaats aan de onderhandelingstafel. “Wanneer mensen zich druk gaan maken om hun pensioen, blijkt vaak dat ze in voorgaande jaren al enorm hebben ingeleverd.”

Pensioenjurist Emilie Schols, ook columnist en auteur van een aantal handboeken op pensioengebied, verwijt dat vooral de pensioenfondsen. “Overzichten krijgen mensen in brutobedragen. Dat zegt ze weinig. Bovendien wordt het fonds vaak voor mensen gekozen, terwijl ze wel zelf meebetalen. Dan gaan ze er vanuit dat het goed geregeld is. Als er iets niet goed gaat moet er wel gewaarschuwd worden.”

Naar de rechter?
En niet goed gaat het de laatste jaren regelmatig. Maar moet de deelnemende werknemer dan zomaar genoegen nemen met een kleiner pensioen? “Het geld is juridisch eigendom van het fonds”, legt Martin Pikaart uit. “Het fondsbestuur beslist. Je hebt wel aanspraken (tegoeden, red.), maar het bestuur kan die eenzijdig wijzigen”, moet hij concluderen.

Toch zijn ook de aanspraken volgens hem wel ‘juridisch hard’. “Maar de fondsen hebben het geld simpelweg niet”, vult Emilie Schols aan. “Een zaak tegen het fonds zal dus weinig zinvol zijn. Die kun je alleen op het matje roepen als je denkt dat ze echt een verkeerde of onevenwichtige beslissing hebben genomen. Bij wanbeleid dus.”

Pikaart ziet wellicht toch mogelijkheden. “Die fondsen zijn allemaal onafhankelijke rechtspersonen. Bij het ene fonds zit je bijvoorbeeld wettelijk aangesloten, bij een ander juist omdat je werkgever daarvoor kiest. Dat is al een heel groot verschil. Daarnaast verschillen de regeling ontzettend van elkaar: de premie, het opbouwpercentage, het nabestaandenpensioen, het beleggingsbeleid en ga zo maar door. Dat maakt het onmogelijk om er in z’n algemeenheid iets over te zeggen”, houdt hij de deur op een kier.

De rol van de werkgever
Moeten we alles dan maar gewoon slikken? Niet alles. Een kleiner pensioen kan immers ook door de werkgever veroorzaakt zijn. “Het komt voor dat een werkgever tegen het pensioenfonds zegt: ‘Jullie zijn zo rijk, stort mij maar wat geld terug’. De werkgever belooft dat dan later weer aan te vullen, maar doet dat niet waardoor werknemers minder pensioen overhouden. Dan heb je misschien een zaak”, vertelt Schols.

Zo zou de overheid in de jaren tachtig als werkgever een ‘greep uit de kas’ van pensioenfonds ABP hebben gedaan. Die geldstromen zijn volgens de pensioenjurist wel lastig te overzien. “Maar een deelnemer kan aan het pensioenfonds vragen hoe het zit. Er zijn tegenwoordig ook deelnemersraden die dit soort ontwikkelingen in de gaten houden.”

Pensioen verplicht gekort 
Pensioenfondsen mogen dus eenvoudigweg korten als dat noodzakelijk blijkt. Sterker nog: het kan ze verplicht worden. Dat gebeurt als de dekkingsgraad te laag is en hun vermogen dus niet in overeenstemming is met de verplichtingen. Schols: “Ik denk dat we ons nu beginnen te realiseren dat er in het verleden veel te weinig aandacht is geweest voor het feit dat pensioenen wel degelijk gekort kunnen worden. De pensioensector heeft zich wel aangetrokken dat die communicatie niet goed in orde was.” 

Martin Pikaart weet dat zo’n korting niet even in een namiddagje wordt bekokstooft. “Er is eerst uitgebreid overleg tussen bonden, werkgevers en het pensioenfonds. Vervolgens moeten ze hun beslissingen heel duidelijk onderbouwen. Schols vervolgt dat veel mensen er ook nog altijd vanuit gaan dat hun pensioen meegroeit qua koopkracht. Die groei heet indexatie. “Als die echter een jaar of drie niet wordt toegepast, heeft dat hetzelfde effect als een pensioenkorting. Daar klagen mensen minder over. Het is een beetje een sluipmoordenaar.” De juridische mogelijkheden zijn op dat vlak overigens al even gering.

Een andere manier om pensioen op te bouwen
Het enige wat mensen volgens Schols kunnen doen is zorgen dat ze zelf een buffer opbouwen om een eventuele pensioenkorting op te vangen. Pikaart verwijst nog naar een premiepensioeninstelling (PPI) of verzekeraar om je geld bij onder te brengen. “Daar gelden andere regels. Zij kunnen niet zomaar korten. Wel zullen de kosten daar meestal hoger zijn.”

Als werknemer zal je het echter niet snel zelf voor het uitkiezen hebben. “Doorgaans kiest de werkgever.” Pikaart is het met Schols eens dat het tijd is voor verandering en schreef er zelfs een boek over. “De eerste stappen worden momenteel gezet. De tijd dat mensen niks over hun eigen pensioen te zeggen hebben is voorbij aan het raken.”

In Recht in de regio windt iemand zich erg over pensioenkortingen
Lees meer over pensioenen op de categoriepagina